Zelfcompassie is de kunst om jezelf te ondersteunen onder moeilijke omstandigheden. Een vriendelijke betrokken houding ontwikkelen naar jezelf, je eigen innerlijk vriend zijn. Met zelfcompassie – ook wel heartfulness genoemd – zijn we net zo vriendelijk en zorgzaam voor onszelf als voor onze vrienden. Maar hoe werkt dat precies? Om dat te begrijpen onderzoeken we uit welke componenten zelfcompassie bestaat, welke misverstanden er zijn en welke positieve effecten het heeft.

Waaruit bestaat zelfcompassie?

Zelfcompassie bestaat naast ‘vriendelijk zijn voor jezelf’ uit 3 componenten:

    1. Mindfulness
      Mindfulness is een voorwaarde om zelfcompassie toe te passen, bij mindfulness leer je te observeren wat er gaande is bij jezelf. Om je eigen hart te openen en jezelf te ondersteunen is het nodig om bewust te zijn van de pijn die er is. Je kunt als het ware buiten jezelf gaan staan en waarnemen wat er aan de hand is. In stress en pijn is het lastig om perspectief aan te brengen. Als je in staat bent afstand te nemen van jezelf kan je adequaat reageren en verbinding maken met wat er gaande is. Die basis van bewustzijn heb je nodig voor heartfulness.
    2. Onze menselijkheid (common humanity) erkennen
      Iedereen kent dezelfde ervaring, we hoeven ons niet in een isolement te plaatsen als er iets niet wenselijks gebeurt. Bij (mede)menselijkheid is imperfectie een onderdeel van het mens-zijn. Iedereen weet dat, maar als er bij jezelf iets ‘mis’ gaat reageer je direct met dat het niet had mogen gebeuren. We voelen ons dan niet normaal en afgesneden van de rest van de wereld. ‘Iedereen leidt een perfect leven, alleen ik krijg dat niet voor elkaar’. Bij heartfulness erkennen we dat het soms ‘mis’ gaat, dat is onderdeel van het leven.
    3. Zelfliefde of eigenliefde in relatie tot de bovenstaande componenten
      Zelfliefde kan ook narcistische trekjes hebben waarin de focus alleen op jezelf ligt of neigt naar zelfmedelijden. In de boeddhistische traditie wordt medelijden een vijand genoemd van compassie, waaruit volgt dat zelfmedelijden een vijand is van zelfcompassie. Zelfcompassie is een productieve houding, zelfmedelijden een niet-productieve aanpassing van het probleem. Bij zelfcompassie trappen we niet in de valkuil van zelfmedelijden.
      De Amerikaanse promovendus Kristin Neff deed onderzoek en legt het als volgt uit:


3 misverstanden over zelfcompassie

Als het om zelfcompassie gaat is er een drietal hardnekkige misverstanden:

1. Zelfcompassie ondermijnt mijn motivatie en ambitie

Denk aan hoe we opgevoed zijn: door straf zouden we beter presteren. Deze achterhaalde visie die we bij het opvoeden van kinderen gebruiken is gelukkig ingeruild voor de opvatting dat aanmoediging en support leiden tot jezelf overtreffen en uitblinken. Tot succes. Dat geldt niet alleen voor kinderen maar ook voor hoe we onszelf behandelen.

Wat gebeurt er als je te hard bent voor jezelf?

  • Verlies van zelfvertrouwen – ‘wat ben ik toch stom, ik ben een ‘loser’. Zelfvertrouwen is nodig om iets te bereiken.
  • Angst voor mislukking – Je durft het moeilijk opnieuw te proberen, terwijl mensen met zelfcompassie volharden, omdat het veilig is om fouten te maken, en zo uiteindelijk beter slagen.

2. Zelfcompassie is voor softies

Zelfcompassie is juist in tijden van stress (ook uit onderzoek gebleken) een krachtige hulp bij het incasseringsvermogen en de veerkracht. Op het moment dat we strijd moeten leveren tegen stress door tegenslagen als ziekte, scheiding, overlijden, ben je dan een innerlijke medestander of een vijand?

Als vijand haal je jezelf onderuit, je haalt de grond onder je eigen voeten vandaan en dan is het lastig omgaan met de tegenslag. Wanneer je een bondgenoot bent van jezelf kun je er voor jezelf zijn, opmerken wat je nodig hebt. Je accepteert jezelf en de situatie zoals die is.

In conflict met anderen is het ook van belang om eerst naar jezelf te kijken en jezelf te helpen, zoals bij een vliegtuigramp wanneer je eerst je eigen zuurstofmasker op moet zetten voordat je anderen helpt. De aandacht voor jezelf verstevigt ook de capaciteit om meer betrokken te zijn bij je tegenstander; de medemenselijkheid krijgt ruimer baan.

3. Zelfcompassie is alleen met jezelf bezig zijn

Zelfcompassie is mededogen voor jezelf en voor de ander
Zelfcompassie is mededogen voor jezelf en voor de ander

Het verschil tussen zelfcompassie en eigendunk is dat zelfcompassie veel meer stabiel is. Eigendunk wordt vaak gevormd door hoe je vindt dat je er uit ziet, hoe je vindt dat je presteert, terwijl zelfcompassie oog heeft voor wie je werkelijk bent. Als de eigenwaarde daaruit wordt gevoed ben je minder afhankelijk van wat een ander van jou vindt.

Uit compassie voor jezelf vloeit zelfrespect voort die onvoorwaardelijk is. Zowel wanneer iets lukt als mislukt blijft je zelfrespect intact. Hierdoor ben je in staat jezelf weer bij elkaar te pakken op de minder makkelijke momenten, zonder dat je eigenwaarde een deuk krijgt.

Bij heartfulness hoort moedig aanwezig zijn te midden van pijn en angst. Met oog voor de universele menselijke tekortkomingen en gebreken. Met begrip en inzicht van waarom de dingen zijn zoals ze zijn. Met mededogen voor jezelf en voor de ander.

In ‘Moet je altijd maar gelukkig zijn?’ schrijft Laura dat er soms narigheid nodig is om tot nieuwe inzichten te komen.

Mooji geeft ons een mooie oefening om steeds opnieuw terug te komen bij jezelf, bij je hart:

Begin mei starten in Ede en Zeist heartfulness trainingen.

Corine Lepoutre is mindfulnesstrainer bij de Mindful Academy en freelance journalist, waaronder hoofdredacteur van Tijdschrift voor Yoga. Haar mediacarrière begon bij de landelijke radio en regionale tv en liep via de reisjournalistiek en videoproducties naar webjournalistiek. De focus ligt nu op mindfulness, yoga en spiritualiteit. Corine wil zoveel mogelijk mensen laten kennismaken met de positieve effecten van het beoefenen van aandachttraining en yoga. Bij Yogisan richt ze zich op mindfulness, interviews met yogi’s, reportages en videoproducties.

laat een reactie achter